Alpenhoorn

De alphoorn werd oorspronkelijk in het alpengebied gebruikt bij het hoeden van koeien en schapen. Met het instrument maakte men het vee voor het melken rustig door het te laten luisteren naar de klanken van de alphoorn. Ook gaf men hiermee boodschappen aan elkaar en aan thuis door.

De alpenhoorn is ontstaan uit de midwinterhoorn. Het grote verschil is dat hij veel langer is. Een midwinterhoorn is ongeveer 1,40m lang (varieert van streek tot streek) en een alpenhoorn is minstens 3 meter lang. De Alpenhoorn is helemaal van hout gemaakt, waardoor het geluid zacht is. Hij wordt staand bespeeld met de hoorn voor zich uit, en de klankbeker op de grond. Hij heeft een conische bouw. Hij wordt dus breder en breder naar het einde toe. Op het laatst heeft hij een lichte draaiing naar boven zodat het geluid goed verspreid wordt.

 
Die kromming zit er waarschijnlijk in omdat de blazer de hoornlengte en het bijbehorende gewicht niet opgetild vast kan houden en hij het geluid ook niet de grond in wil blazen.
Onder de eindkromming zit nog een klein steuntje om te voorkomen dat de Alpenhoorn beschadigd wordt. Meestal wordt deze kromming versierd. De hele hoorn is meestal in drie stukken verdeeld om het vervoer eenvoudiger te maken. De aansluitingen zijn veelal van messing-bussen.
Het hout van de hoorn kwam vroeger meestal van één (dennen)boom die onderaan een natuurlijke kromming had omdat ie in de helling had gestaan tijdens zijn groei. Een foto hiervan zie je bij de bouw van de alpenhoorn. Tegenwoordig met de computerfrezen is dat niet meer nodig.
 

MONDSTUK
De huidige Alpenhoorn bestaat uit een houten mondstuk, een conisch stuk buis en de gebogen uitgang. Het mondstuk brengt de lucht in de buis in trilling en veroorzaakt zo de toon. De buis is de versterker van de trilling van de toon dat via het mondstuk wordt veroorzaakt.

Het mondstuk wordt tegenwoordig op de draaibank gemaakt en de buis en de gebogen uitgang uit een in tweeën gesplitst stuk hout dat eerst verder op maat wordt gesneden – nu veelal met behulp van de frees en de computer - en daarna weer samengevoegd wordt tot de buis respectievelijk de uitgang. De buis krijgt een omwikkeling; de uitgang wordt veelal beschilderd met een mooi motief of versierd met houtsnijwerk. Veelal met Zwitserse motieven, een almhut, koeien, gentianen en een Zwitserse vlag of kantonvlag.

BLAZEN
Geblazen wordt veelal in de buitenlucht. Er zijn hiervoor allerlei motieven te noemen, variërend van harmonie met de natuur of in balans zijn met die natuur; het blazen als een vorm van meditatie of als levensstijl dan wel ter compensatie van het snelle leven van alledag. Voor mijn oor moet de Alpenhoorn gewoon buiten geblazen worden.

Blazen kun je de Alpenhoorn alleen of in groepsverband. Blazers tref je aan in het hele Alpengebied. Maar ook Zwitsers die zijn geëmigreerd, hebben hun Alpenhoorn meegenomen en zo kom je blazers en ook bouwers tegen in de VS en Canada. En via het toerisme ook in Japan.